SCANDINAVISCHE EN RUSSISCHE LIJSTERS

Koperwiek, foto D.v.d.Spoel

Peter de Barse
Sommige vogelsoorten komen bij ons in de winter de boel opvrolijken. Onze merels en zanglijsters krijgen langdurig familiebezoek uit ScandinaviĆ« en Rusland. Mag ik even voorstellen: De Kramsvogel: een stevig postuur, ferme houding met grijze kop en stuit en roodbruine mantel en vleugels. De Koperwiek: slanke met koper onder de wieken en elegante roomkleurige wenkbrauwstreep. Zin in een afspraak? Dat is niet moeilijk, want dicht bij huis zijn ze in de parken, zoals het Gorzenpark, meestal wel te vinden. In oktober komen ze met honderdduizenden binnenvallen en gaan op zoek naar voedsel op weilanden en in besdragende struiken. De kramsvogels zijn behoorlijk luidruchtig. Een luid ‘tijak-tjak’ verraadt hun aanwezigheid. Bij koud winterweer zoeken ze de voedertafels op waarbij zij zich agressief gedragen.

De koperwieken komen niet alleen uit ScandinaviĆ« maar ook uit het verre SiberiĆ«, een dikke 6.000! kilometer hier vandaan. Koperwieken trekken ‘s nachts. Met miljoenen (niet allen overwinteren hier) trekken ze over terwijl wij in een behaaglijk bed misschien wel van hen dromen. Met een hoog tsie’ -geroep komen ze over. Verstandige beestjes zijn het. Bij slecht winterweer trekken ze verder, op zoek naar warmere oorden in zuidelijk Europa. Koperwieken zijn echte groepsvogels die in de winter te vinden zijn in de nabijheid van besdragende bomen en struiken, zoals meidoorn, maar ook hulst, lijsterbes en kardinaalsmuts zijn in trek. Koperwieken zijn echte omnivoren, ze eten wat er voorhanden is maar in de lente en zomer hebben ze een duidelijke voorkeur voor dierlijk voedsel. Ze eten wormen, slakken en bodeminsecten. Ze kunnen ook net als merels de humuslaag omwroeten op zoek naar wormen en insecten. Net als andere lijsterachtigen is de koperwiek verzot op rottend fruit. Mannetjes koperwieken kunnen een fraaie zang voortbrengen die bestaat uit korte riedeltjes afgewisseld met een lange fluittoon. Koperwieken kunnen een maximale leeftijd van 17 jaar bereiken.

Wil je deze vogels deze winter ook in je tuin zien? Probeer hem dan eens te lokken met broodkruimels, appels en peren, etensresten zoals gekookte rijst en aardappelen (zonder zout), gewelde krenten en rozijnen, kaasresten (zonder korst), schillen en klokhuizen, rottend fruit, en allerlei soorten bessen. Deze vogels kunt U voeren op een strooiplaats op de grond (sneeuwvrij) of op een open plek met beschutting dichtbij.

Ik raad u aan eens uit te kijken naar deze prachtige gasten en er heerlijk van te genieten. Er is nog geen haast bij want pas medio april vliegen ze weer terug. Veel kijkplezier!